DIEREN ZIJN GEWOON VEEL DANKBAARDER
De eerste keer dat ik een interview afneem, voor haar de eerste keer dat ze er één weggeeft. Sandra Persoons, minzame dame, beminnelijke vrouw, moeder van twee kinderen, dierenvriendin in hart en nieren en tevens gedreven kunstenares. Zij schildert dierenportretten. Ja, ook die van mijn eigenste troetel, mijn hond Wap. Dit bood ze me destijds zelf aan. Ze had hem opgemerkt in één of ander weekblad en was er meteen verliefd en verlekkerd op. Zulk aanbod.. daar ging ik gretig op in. Het resultaat was prachtig. En zie, nu zitten we samen aan tafel in haar supergezellig huis, temidden van de dierenportretten. Ook Wap voelt er zich onmiddellijk “thuis”.

In het begin schilderde ik van alles, alle onderwerpen: gevels, kinderen, bloemen, stillevens.. én dieren. Gaandeweg beseft ik dat dit laatste onderwerp écht mijn ding was. Ik begon er mij met innig plezier en grote gedrevenheid in te specialiseren. Dieren zijn gewoon veel dankbaarder, ook om te schilderen. Ze zijn eerlijk en meestal veel meer te vertrouwen dan mensen. Kortom, ze spraken mij het meeste aan, vooral hun kopjes. Hun ogen, hun oren, hun blik, bek, snavel, snorharen, maar ook hun pels, pluimen of schubben... wondermooi vind ik dat. De dieren in kwestie laat ik nooit life poseren. Dieren zitten zelden lang stil, bewegen voortdurend en worden meestal nerveus in zulke voor hen vreemde omstandigheden. Dat maakt het zo goed als onmogelijk om hun specifieke uitdrukking vast te leggen op doek. Dus schilder ik altijd op basis van een foto. Soms wordt me die aangereikt door de opdrachtgever, maar het liefst van al maak ik hem zelf. Ik zoek het dier op, laat het z’n gang gaan en maak er ondertussen minstens honderd kiekjes van. Die worden door mij geselecteerd tot ik er de drie beste van overhoud. Het baasje mag dan uiteindelijk beslissen welke opname gebruikt zal worden voor de vereeuwiging op doek van zijn of haar lieveling. Ook de achtergrond kan door de klant bepaald worden, aangepast aan de kleur van de muur waar het schilderij uiteindelijk zal komen te hangen. Tot hiertoe heb ik, hout vasthouden, alleen maar te maken gehad met tevreden klanten. Nog nooit heb ik opmerkingen gekregen in de zin van “het trekt er langs geen kanten op”. Hun huisdier is voor hen zoals een kind: dat kàn niet lelijk zijn.
Tekenen werd me met de paplepel ingegeven. Papa kon mooi tekenen. Met een balpen schetste hij voor mij in enkele lijnen verschillende poesen op een velletje papier. Op een speelse manier werden mijn werkjes door hem verbeterd en zo kreeg ik de smaak te pakken. Dit was blijkbaar mijn ding, hierin lag één van mijn talenten. Later op school kreeg ik opvallend veel poëziealbums onder mijn neus geschoven omdat ze allemaal een leuke tekening van Sandra wilden. Nog later wou ik definitief kiezen voor de artistieke richting maar stuitte op het onverbiddelijke verzet van mama (en ja, uiteindelijk ook een beetje van papa) die vond dat ik beter een opleiding zou kiezen voor een echt beroep. Boekhouding, Sandra, is dàt niets voor jou? Misschien wel. Ik deed graag wiskunde, dacht erover na en koos tenslotte voor de fiscaliteit. Mijn ouders waren content en zelf heb ik er veel praktische kennis door opgedaan, kennis die ik nu kan gebruiken om mijn teken-bvba’tje in goede en wettelijke banen te leiden. Momenteel is de toestand zodanig geëvolueerd dat ik parttime bij een firma de boekhouding doe en parttime dierenportretten schilder. Heerlijk! Ooit komt het er nog wel eens van dat ik fulltime ga schilderen. Het bloed kruipt waar het niet gaan kan. Op de keper beschouwt vind ik schilderen veel boeiender dan al die cijfers. Nooit laat het me los, dat creëren: ik ga ermee slapen en sta ermee op. Ik verkneukel mij dan in allerlei nieuwe en sprankelende ideëen: dobermann-pups schilderen als engeltjes omdat ze door het medium film ten onrechte een agressieve reputatie hebben meegekregen. Of dobermann.. dobberen.. dobbertje.. zwembad. Of boxer.. boksen.. boksershirt. Laatst kreeg ik via mijn website een opdracht uit de USA: “My dog is a bitch, please can you paint her as a princess?” Geweldig, toch? Ik besloot het hondje te schilderen met een kroontje en een koninklijke jurk. Een windhond schilderen, gezeten in een racecar, zegt me ook wel iets. Een tijger, een eekhoorn, een hert, een wolf, insecten, reptielen.. plannen genoeg.

Onlangs deed ik mee aan een wedstrijd van Gaia. De opdracht was “de blik van het dier”. Ik schilderde een boze gans om aan te tonen dat ik het produceren en nuttigen van foie gras met alles wat er rond hangt zo onnoemelijk verfoei. Ja, ik ben een overtuigd vegetariër, uit pure dierenliefde. Ons hele gezin trouwens. Ooit kochten we een konijntje op de markt. Het zat in een piepklein kooitje en werd op de weegschaal geworpen om de prijs te bepalen. Zes jaar lang heeft het mogen rondcrossen in onze tuin en toen het uiteindelijk bezweek hebben we met z’n allen bittere tranen geschreid. Als kind zag ik gorilla Gust zitten in de antwerpse dierentuin. Nooit zal ik die droeve blik in zijn ogen vergeten. Okee, hij kreeg eten, drinken en medische verzorging maar was voor het leven gevangen, ver weg van zijn natuurlijke habitat. Een door en door ongelukkig dier, dat zag het kleinste kind. En die blik, waar ik toen van wakker heb gelegen, wil ik ooit nog eens schilderen. Het is mijn manier om voor dieren iets te doen, om mijn steentje bij te dragen tegen dierenleed, ja dierentuinen incluis. Goed bedoeld allemaal, maar toch... Als kind was ik de benjamin, de laatste spruit. Ik wou een huisdier, maar kreeg er geen. “Allemaal vuiligheid” protesteerde mijn mama. Na veel aandringen kwam er toch een katje in huis dat achteraf vooral bij haar het meeste op schoot zat en door haar het meeste geaaid werd. Zo zie je maar wat een dier met een mens kan doen.

Een echte opleiding heb ik nooit gevolgd. Ik ben een autodidact, een selfmade woman. Wel ontmoette ik via via Wim Legrand, een ongelooflijk getalenteerde jonge kunstenaar. Een herboren Rembrandt van Rijn. Ik sprak hem over mijn werk en ambities en stelde hem voor om bij mij thuis, samen met enkele andere artistieke geestesgenoten, een soort van avondschool te organiseren. Wonderbaarlijk veel heb ik van die jongen geleerd. Hij leerde mij zien in plaats van alleen maar te kijken. Hij bezorgde mij een oog voor details. Hij legde me uit dat je bij het schilderen van eender welk voorwerp, in de eerste fase enkel en alleen moest uitgaan van licht en donker. Is een oog zo, Sandra? Nee! Wat is licht, Sandra... wat is donker? Zonder genade werd mijn geklieder overschilderd en moest ik opnieuw beginnen. Een oor, neusgaten, kieuwen.. idem dito. Licht.. donker, licht.. donker. Een geweldige leraar die mijn aangeboren talent in goede banen heeft geleid, weliswaar zonder mij in een bepaalde artistieke richting te duwen. Het ging louter om techniek. Het onderwerp en de stijl van het ei dat ik kwijt wou, mocht ik steeds zelf bepalen. Twee jaar, éénmaal per week, daar steek je wat van op, hoor.

Ik krijg het grootste deel van mijn opdrachten via internet, via mijn website. Ik werk altijd maar aan één werk tegelijk en dat gebeurt in een tijdspanne van gemiddeld 1 à 2 weken, telkens in vier stappen. De klant volgt het hele proces mee op mijn site onder de rubriek ‘schildersezel’. Een leeg doek is ronduit akelig, dus begin ik zo snel mogelijk met stap één: een ruwe potloodtekening die achteraf gaandeweg helemaal wordt weg- en overgeschilderd. Vervolgens neem ik voor stap twee een grof penseel én verf van de kleur “gebrande sienna” en geef aan wat licht en donker is. Remember? Bij stap drie, de stap die ik het plezierigst vind, volgt het verbeteren en verfijnen van het geheel met -inderdaad- een reeks fijnere penselen. Het gaat hier om de kleinste, wat zeg ik, de minuscuulste details. Hier kan ik zelden genoeg van krijgen met als gevolg dat ik uur en tijd uit het oog verlies zodat een bezorgde echtgenoot me midden in de nacht aanmaant om nu maar te komen slapen en morgen verder te werken. En gelijk heeft ie. Ik kan niet stoppen en toch moet het: de kinderen, die boekhouding. En tenslotte de vierde stap die erin bestaat dat ik ongeveer een week lang het werk te pas en te onpas gadesla. Het staat dan geëtaleerd op de schildersezel en tijdens het koken, strijken, wassen of plassen heb ik het voortdurend in de gaten. Ook als ik televisie kijk gaat mijn blik regelmatig richting doek om trachten te weten te komen wat er nog aan zou kunnen verbeterd worden. Een bezigheid die trouwens veel interessanter is dan de meeste televisieprogramma’s. (Daar kan ik haar alleen maar volmondig in bijtreden.) Ook mijn dochter Laetitia heeft een speurneus voor fouten en zegt het me gelukkig zonder blikken of blozen. En ik moet zeggen.. ze heeft altijd gelijk. Dus zo leer ik elke dag nog bij en verwordt mijn werk nooit tot een ordinaire routine. En mijn man? Die staat gelukkig ook volledig achter mijn diervriendelijke artistieke bezigheden. Hij creëerde mijn website www.kunstexpo.be en houdt hem regelmatig in de gaten, zoals een hovenier zijn plantentuin. I love you, you love me, we are a happy family.
Pol Goossen, acteur.