Academie voor kunst en spiritualiteit

De Verbeelding – innerlijke reizen

Het gaat in het creatieve proces in de eerste plaats om het toegang krijgen tot (1),
gebruiken (2) en vervolgens uiting geven (3) aan je verbeelding.

Zo ontstaan er drie aandachtsgebieden die samen tot een geïntegreerde vorm van creëren leiden:
1. Toegang krijgen tot je verbeelding.
2. Werken met je verbeelding.
3. Uiting geven aan dit werk met de verbeelding in concrete, waarneembare dingen,
situaties, etc. Met andere woorden, in creaties. Het zijn niet alleen de kunsten die zich intensief met deze drie terreinen van menselijke activiteit hebben beziggehouden in de geschiedenis van de mens. Ook veel praktijken
en tradities die we nu zouden bestempelen als ‘religieus’, ‘spiritueel’ of ‘esoterisch’, hebben zich intensief beziggehouden met deze drie aandachtsgebieden.

Bijvoorbeeld het sjamanisme, de mystiek, tantra, magie, alchemie, rituelen, alternatieve (en steeds meer reguliere) psychotherapeutische methoden, etc. Het is daarbij bijzonder belangrijk te beseffen dat de verbeelding veel meer is dan slechts een instrument, een stuk gereedschap dat je kunt lerengebruiken, zodat je het naar believen kunt inzetten. Je ‘beschikt’ niet over de verbeelding, je ‘eigen’
verbeelding. Van tijd tot tijd zal zij eerder over jou beschikken. De verbeelding vormt de grondslag van elke mentale handeling. De verbeelding is de grote vormgever van het innerlijk. Zij geeft vorm aan je gedachten (je ‘voorstelling’
van zaken), je emoties, je herinneringen, je ervaringen, je plannen, kortom, aan alles wat je innerlijk ‘ingaat’ (impressies) en alles wat er van uitgaat (expressies).

De verbeelding geeft je zijn, als beleefde ervaring, vorm. Het is de vorm, hier op dit moment, van jouw ‘aanwezig zijn’. Deze cruciale functie van de verbeelding wordt bevestigd door talloze mystieke en esoterische geschriften van overal ter wereld en werd door de filosoof Immanuel Kant in, voor westerse academici, acceptabele termen
geformuleerd in 1787 in zijn Kritik der Urteilskraft. Als grondslag van de vorm van je (on)bewustzijn is de verbeelding ook zeer nauw verbonden met jehouding, je intenties, je geloof en je verwachtingen. Allemaal toestanden van bewustzijn, duidelijk onderscheiden van de inhouden van je bewustzijn, die juist geproduceerd worden door een combinatie van bewustzijnstoestanden en verbeelding.

Bewustzijnsinhouden zijn de zaken waar tegenover je een houding hebt, waar je intenties
zich op richten of van afkeren, waar je in gelooft of die je afwijst, die je verwacht
of uitsluit.